we willen dat leerlingen stuurman worden van hun eigen scheepje, dat ze het roer in handen nemen van hun eigen leerproces. Dat gaat natuurlijk niet van de ene op de andere dag. Je kunt moeilijk zeggen: “Zo, en nu gaan jullie lekker jezelf aansturen.” Die stuurkunst moet je leren.
Formatief evalueren – wellicht hoor je de term ook steeds vaker. Want formatief evalueren is superkrachtig om leerlingen beter te laten leren, blijkt uit onderzoek. Maar wat is het dan?
We willen graag dat leerlingen nieuwe uitdagingen aangaan. Dat ze denken: 'Dit wil ik wel proberen. Hier kan ik veel van leren!' in plaats van: 'Dit kan ik toch niet'. Maar hoe kun je dit als leraar beïnvloeden?
Je werkt aan een verandering. Het probleem is duidelijk en iedereen weet wat er moet gebeuren. Jullie gaan ervoor! Toch lukt het een aantal collega's niet om hun gedrag daadwerkelijk aan te passen. Herkenbaar?
Fijn hè, als iemand zegt dat je iets goed hebt gedaan. Als je waardering krijgt voor je werk, in de vorm van een complimentje.

Dat vinden leerlingen ook. En toch… Toch zijn er onderzoeken die laten zien dat complimenten geven een negatief effect kan hebben op de leerresultaten. Hoe zit dat precies?
Ben jij dit schooljaar ook gestart met collega’s die voor het eerst voor de klas staan? Uiteraard wil je er alles aan doen om hun eerste jaar als leraar succesvol te laten zijn. De cijfers liegen er namelijk niet om.
Ken jij ze ook, leerlingen die ervan overtuigd zijn dat ze geen aanleg hebben voor wiskunde of een ander vak? Die bij voorbaat al zuchten: “Ik kan dit niet” en het dan niet meer echt proberen?
Ik kan weinig zeggen over dit boek, eigenlijk moet je het gewoon zien. Toen ik de Engelse versie zag dacht ik gelijk: dit moeten we hebben! Het zit vol met praktische wetenswaardigheden en inspirerende teksten over onderwijs en prachtige foto’s…
Hoe kan het toch dat sommige mensen je direct weten te boeien? Dat je echt naar ze wilt luisteren en hun instructies wilt opvolgen?
Misschien blijk jij toch meer in een eierdoos te werken dan je dacht. De vergelijking tussen een school en een eierdoos slaat op de cellenstructuur die veel scholen kennen (of kenden). Van buiten lijken scholen vaak één geheel, maar als je de ‘doos’ opent, zie je allemaal afzonderlijke vakjes. Iedere leraar heeft een eigen ‘cel’ waarin hij of zij alles regelt en in zijn eentje verantwoordelijk is. Gelukkig nemen veel scholen afscheid van dit idee.
Met de meivakantie achter de rug richten wij de blik alvast op volgend schooljaar. Weet je al wat voor groep je krijgt? En hoe je het volgend jaar wilt aanpakken?
Wist je dat je als leraar ongeveer iedere 2 minuten een beslissing neemt die het verschil kan maken tussen effectief en ineffectief onderwijs? Je zou er keuzestress van krijgen! Dan is het handig om een eenvoudig model te hebben, waarmee je op voorhand weloverwogen beslissingen kunt nemen.
1 van 3